De geschiedenis van Tango

De tango is ontstaan aan het eind van de 19e eeuw in de volkswijken van Buenos Aires, een smeltkroes van ontheemde immigranten. In de muziek en de teksten klinkt weemoed en verlangen door. In de kroegen en op de binnenplaatsen van de woonkazernes zocht men elkaars gezelschap en ontwikkelde zich de dans. De sensualiteit en de romantiek van de tango spraken een steeds breder publiek aan, binnen en buiten Argentinië.

In de jaren 30 en 40 van de 20e eeuw was de tango de eerste vorm van populaire muziek die wereldwijd doorbrak in platen en films, met Carlos Gardel als grote popster. Het was de gouden tijd (epoca de oro) van de tango in Buenos Aires met de grote orkesten en beroemde componisten en tekstdichters. Daarna werd de tango weggedrukt door jazz, swing, rock & roll en popmuziek. De Tango overleefde echter in de traditie van de milongas, in achteraf gelegen zalen en in de harten van de dansers, om vanaf eind jaren 80 weer te beginnen aan een wereldwijde opmars.

Inmiddels is tango een verzamelnaam geworden voor een brede cultuur van muziek, dans en poëzie die zich over de hele wereld heeft verspreid. In bijna alle landen en (grote) steden vindt u tangogemeenschappen die dezelfde passie delen.